Puthuisje in Bingelrade ©
 

 

Op een pleintje aan de wegkruising Dorpsstraat - Kruisstraat te Bingelrade staat dit oude puthuisje:
"Het puthuisje van Raath"
Raath is van oorsprong een van de vier afzonderlijke kernen die inmiddels vergroeid zijn met Bingelrade.
Het puthuisje van mergelblokken, gebouwd om een kern van vakwerk en hout werd gebouwd in 1664.
 Het jaartal staat op een kapbalk.

In het huisje bevindt zich de ronde, bakstenen waterput met een diepte van ongeveer 30 meter.
Het raderwerk is gemaakt van hout en is nog gedeeltelijk aanwezig.
Het water werd, nadat het naar boven was gehaald, in een goot uitgegoten.
De goot kwam uit in een hardstenen uitloopbak aan de buitenkant van het puthuisje.
Daar werd het water in emmers opgevangen.

 

Rijksmonument met nummer 26918

 


 
Het puthuisje van Raath omstreeks 1950

 

Puthuisje van Raath

 

Het op een kleine kapel lijkend romantisch puthuisje heeft wit afgestreken buitenmuren
en een vierkant puntvormig dak.
Het monumentale puthuisje werd in 2010 gerestaureerd en staat in het Monumentenregister ingeschreven onder nummer 26918. 

 

Kasteel Raath

 

Vlakbij het puthuisje ligt in de Kruisstraat het Kasteel Raath.

Het oorspronkelijke kasteel lag iets zuidelijker en werd in 1686 gebouwd door de drossaard
van het graafschap Amstenrade, de Heer Gerard Duijkers.
Het kasteel werd in 1751 door leden van de Bokkenrijdersbende in brand gestoken.

Het huidige vierkante kasteel werd in 1804 opgetrokken uit bakstenen met natuurstenen vensteromlijstingen onder een mansardetentdak.
Het huis wordt geflankeerd door twee wit gepleisterde lage bijgebouwen
die een klein voorplein begrenzen.
De laatste van de familie Duijkers die het kasteel bewoonde was Coenraad Jos Duijkers (overleden 1808).


Het pand staat ingeschreven in het Monumentenregister onder nummer 6524.